Ik kan dit stukje wél schrijven en ik kan het níét schrijven. In beide gevallen verloochen ik mezelf.

Ik ga het schrijven. 

Wat ik ga schrijven is dit: boeken kun je het beste bij de boekenwinkel kopen. Ik bedoel de min of meer onafhankelijke boekenwinkel. Zo eentje met betrokken medewerkers. Zo eentje met met boeken van schrijvers die misschien nooit in de Top-60 stonden. 

Het zijn de laatste paar dagen van de Boekenweek. Daarom leek me dit een gepast moment.

Kijk, als je een boek koopt is er een grote kans dat je van boeken houdt. In dat geval wil je ook dat er boekenwinkels zijn, toch? Nou, boekenwinkels kunnen alleen bestaan als ze ook boeken verkopen. Tot zover vragen?

Overigens kun je dat kopen ook best online doen, maar doe dat dan op de website van diezelfde onafhankelijk boekenwinkel, zodat ze toch geld verdienen. En dus niet bij Bol.

Bol heeft geen winkels, geen aardige mensen die je begroeten, je kunt er niet heerlijk een beetje rondneuzen. Bol is ook niet afhankelijk van boeken. Verre van. Het is een moloch. Als ze geen boeken meer zouden verkopen dan kunnen ze nog altijd geld verdienen met wasmachines, Lego, laptops, zaklampen, versterkers, fietsen, seksspeeltjes, kinderwagens en – ik heb voor Oscar laatst nog gekeken – terrariumbenodigdheden.

Kijk, en híér begint het verloochenen van mijn principes. Op dit punt raak ik verstrikt in het rag dat ik met mijn eigen opportunisme gesponnen heb.

Dat zit zo. Laatst werd ik uitgenodigd door Bol om te komen voordragen op hun literair evenement. Ik ben niet gegaan. Nu kan ik zeggen: uit principe, maar ik zat gewoon in de knel met de zorg voor m’n zoontjes. Twee dagen later stuurde de Bol-vrouw met wie ik contact had gehad me nog een cadeaupakket, ook al was ik dus helemaal niet op komen dagen. Heel lief. Ik heb beloofd de volgende keer zeker te komen.

Kortom: niks tegen die vrouw. Ik ben een hypocriet. 

Maar mijn hart klopt voor de boekenwinkel. Of nou ja, dat is wat overdreven. Ik draag de boekenwinkel een warm hart toe. En dat wil ik hier toch even gezegd hebben. Vroeger, toen ik nog in m’n punkbandje zong, draaide het allemaal om DIY: do it yourself. We spuugden op de grote platenlabels, de grote popsterren, de massaconsumptie, de commercie. Ik heb die jongen nog steeds in me, en die jongen roept: Fuck Bol!

Maar ik roep dat natuurlijk niet. Straks halen ze mijn boeken nog uit hun assortiment. Maar de boekenwinkel, tjonge, wat is die sympathiek. Wat ik wil zeggen: koop mijn nieuwe boek vooral in de boekenwinkel.


‘Een diep ontroerend mensenboek’ noemde Pieter Waterdrinker Wij zeggen hier niet halfbroer gisteren op Twitter. Je abonneren op deze stukjes doe je HIER.