Ik las een tweet. Bij een hoorzitting in Amerika is aan het licht gekomen dat er werkelijk niets waar is van Trumps aantijgingen aan het adres van de FBI. Trump had beweerd dat de FBI hem in opdracht van Obama heeft afgeluisterd. De persoon die hierover tweette zei zoiets als: ‘Dat hier zo weinig ophef over is bewijst hoe ver het met de normalisering is gekomen.’ Wat een schandaal had moeten worden werd geen schandaal. 

Toen de audio met daarop de bekende ‘grab them by the pussy’ uitspraak openbaar werd gemaakt wist ik zeker dat Trumps kansen op het Witte Huis verkeken waren. Tja.

En hier is het evengoed gaande, natuurlijk. Minder, minder, minder. Kopvoddentaks. Ik ga het hier niet nog eens allemaal opnieuw opdissen; u bent toch al misselijk.

Ik vermoed dat Nixon na het Watergate schandaal gewoon was aangebleven als president, had het zich in deze tijd afgespeeld.

Misschien is het schandaal dood. Misschien is er niets meer wat wij ervaren als schandaal. Als dat zo is dan heeft het het woord schandaal niet eens meer een coherente betekenis. Want wat betekent het? Wat is een schandaal? Niets, blijkbaar.

En als niets meer een schandaal is, betekent dat dan dat je overal mee kunt wegkomen? En dat wij nergens meer echt tegen in opstand kunnen komen? Dat lijkt de implicatie te zijn.

Een maatschappij zonder kans op een schandaal, hoe moet dat? Dat is als een mens zonder kans op schaamte. Een persoon zonder kans op zelfkritiek. Een entiteit zonder ziel, in feite. Een Trumpschappij.


Net verschenen: mijn boek Wij zeggen hier niet halfbroer. Je kunt je HIER op deze stukjes abonneren.