Mijn oudste zoontje moest afzwemmen voor zijn B-diploma. Zijn moeder, oma, broertje en ik gingen met hem mee naar zwembad de Tongelreep in Eindhoven. Het was daar heet en klam en het afzwemmen duurde en duurde, vooral het wachten tot zijn naam werd geroepen en hij het diploma kon komen ophalen (achternaam met een S).

Meteen na afloop gingen we een ijsje eten in de kantine. Toen ik die ijsjes afrekende kwam er een meisje naar me toe. Ze werkte daar, leek een jaar of twintig. Ik zag hoe ze naar me keek; het was niet helemaal kosher. Ik bedoel: het was niet hoe kantinepersoneel normaal naar je kijkt. ‘Bent u Henk van Straten?’ vroeg ze, blozend.

‘Euh, ja,’ zei ik, toen ik zag dat ze een bloknootje en een pen vasthield. Zo’n bloknootje waarmee je bestellingen opneemt. Dat maakte me meteen kribbig. Kribbig uit ongemak. ‘Mag ik uw handtekening?’ vroeg ze, en ze hield dat bloknootje en de pen voor zich uit.

Waarop ik zei: ‘Gênant.’

Daarna brabbelde ik nog iets, signeerde ik snel haar bloknootje en voegde ik me haastig bij mijn familie.

‘Dat meisje had al haar moed verzameld,’ zei mijn ex. ‘Waarom moest je nou weer zo lullig doen?’

Ik had meteen spijt. Het was schaamte, daarom had ik zo gedaan. Ik voelde de ogen van de omstanders. Ha, alsof er omstanders wáren! Ik geneerde me vanwege dat bloknootje. Ik word zelden gevraagd om een handtekening, maar áls het gebeurt dan is het door iemand met een boek. Een handtekening vragen met een bloknootje is iets voor jongetjes die op een profvoetballer of popster afstappen. Ik vond het kinderlijk, en blijkbaar betrok ik dat op mezelf: nu voelde ík me kinderlijk, en dat wilde ik niet. Ik reageerde dat op haar af. Mijn emotie vond een uitweg in een lomp en ondankbaar ‘Gênant’.

Ik had haar met een opgeheven hoofd moeten aankijken. Ik had moeten zeggen: ‘Natuurlijk.’ Zonder arrogantie, zonder dédain, zonder schaamte.

Toen we buiten liepen, en ik weer een beetje was afgekoeld, richtte ik me tot mijn ex. ‘Ze vragen me tegenwoordig ook al in het zwémbad om handtekeningen,’ zei ik, met een grijns. ‘Dat kun jij niet zeggen hè?’


Ik hoop dat het meisje in kwestie dit leest. Deze stukjes liever per mail? Klik hier. En ik signeer vanaf nu dus gewoon álles, maar het liefst mijn roman: Bidden en vallen. Leuk als je deze stukjes deelt!