Ik leerde Hanneke Groenteman kennen toen ik met haar in de trein zat voor Volkskrant Magazine. Ze vond m’n tatoeages zo mooi, zei ze, en mijn ogen. Het was soms bijna flirten wat ze deed.

Toen ik werd gevraagd om mee te doen aan De Tafel van Taal zei ik aarzelend ja, met als voorwaarde dat ik zelf mijn partner mocht uitkiezen. Hanneke.

Het spel leek haar niks aan, zei ze. Ze had een pilot-aflevering gezien. ‘Het ziet er een beetje suf uit allemaal.’ Ze zei dit tegen iemand ván het programma, terwijl we een broodje zaten te eten in de studio. En ze had ook ooit een akkefietje gehad met presentatrice Margriet van de Linden. Ze vertelde erover en haalde haar schouders op. Ik nam stilletjes een hap en dacht: Ik zou dit nooit tegen iemand van het programma durven zeggen.

In kleedkamer – ze werd geschminkt – vertelde ze over Johan Cruijf. Dat ze die nog achterop de scooter had gehad, toen hij zestien was. Zestien! Zijn eerste interview was met haar, voor Het Parool. En volgens haar zijn laatste interview ook, toe hij meedeed aan Sterren op het doek.

‘Tim of Jan of ik weet niet hoe hij heet,’ zei ze over een jongen die ze net had gesproken. Hij kon dat gewoon horen. En toch klonk het niet ongeïnteresseerd. Ze wist gewoon zijn naam niet meer. Andere mensen zouden dat niet laten blijken. Hanneke heeft een zekere schaamteloosheid, in de positieve zin van het woord.

Toen we hadden verloren, en dus naar huis mochten, liepen we door de gangen richting uitgang. Ze leek ineens heel klein en breekbaar, zoals ze daar naast me liep. Voor het eerst zag ik een oma. Onze tegenstanders bleven daar, want die mochten nog een ronde; vrolijk stonden ze te kletsen met hun níéuwe tegenstanders. ‘Dit voelt toch wel een beetje als een afgang,’ zei Hanneke. ‘Daar iedereen nog zo gezellig aan het kletsen, en wij hier, verslagen in deze donkere tunnel op weg naar buiten.’ Maar aan de andere kant: ze moest die middag oppassen op haar kleinkinderen, dus het kwam haar niet slecht uit.

Hanneke benoemt alles. Is meteen eerlijk over haar gevoel. Gebruikt dat misschien ook om de spanning van de situatie te halen. Ik heb dat ook vaak. Meteen maar kwetsbaar zijn, en laten zien wie je bent, zodat je niet meer van je sokkel kunt vallen, omdat er geen sokkel meer is. Ze is eerlijk en recht voor z’n raap, maar zonder bravoure of geldingsdrang, en misschien onzeker, zoals wij allemaal, maar zonder zelfafwijzing, zonder zichzelf naar beneden te halen. Ze is trots zonder trots. En nog steeds zo jong, en grappig, en vrij, en mooi. En zesenzeventig!

Buiten namen we afscheid. Ze wist zeker dat we elkaar nog wel zouden zien. Ik wist dat minder zeker. Maar ik hoop het zo.


Ik kon dit stukje nu pas publiceren, dus na de uitzending, want anders zou ik hebben verklapt dat we (ten onrechte) hebben verloren. En dat is contractbreuk, geloof ik. Mijn stukjes als nieuwsbrief ontvangen? Dat kan. Ik schreef ook een roman, Bidden en vallen, etc., etc..