Zaterdag las ik in de krant over een nieuwe bioscoopfilm, The Magnificent Seven. Een remake van de klassieker uit 1960. Een western. In het origineel had je zeven witte cowboys die het opnamen tegen een Mexicaanse schurk. In de remake zijn er onder de zeven cowboys een zwarte man, een Chinees en een indiaan. We hebben het over het Wilde Westen, dus de negentiende eeuw. Niettemin kijkt in de film niemand raar op van de gekleurde cowboys. Waarmee de film misschien wil zeggen: het maakt niet uit welke kleur je hebt. Of waarmee de filmmakers zich wilden conformeren aan een politiek correcte tendens, of aan de roep om meer gekleurde acteurs.

De schrijver van het artikel dat ik las – Erdal Balci – claimt dat de waarheid, of wat hij noemt ‘de echte kleuren van de wereld’, op deze manier weg wordt gegumd, onder het tapijt wordt geveegd, waarbij ‘alle geloofwaardigheid ter aarde wordt besteld’. Bovendien, zegt hij, worden de misstanden die het politiek correct denken wil aankaarten op deze manier juist uit de weg gegaan.

Gelukkig draait er momenteel nog een andere western in de (of sommige) bioscopen. Hell or High Water. Een verhaal dat zich afspeelt in het hedendaagse West Texas. Aan de ene kant zijn er twee broers, waarvan er eentje net uit de bak komt. De twee beroven banken, om zo de kinderen van de ene broer een toekomst te kunnen bieden die de broers zelf nooit hebben gehad. (Bovendien handelen ze vanuit een gevoel van rechtvaardigheid: de banken hebben hen en hun mensen altijd uitgeknepen. There is no bailout for people like us, staat met spuitbus op een muur gespoten.) Aan de andere kant heb je de twee Texas Rangers die hen proberen te vangen. Marcus, gespeeld door Jeff Bridges, is een tikkeltje norse en cynische maar rechtschapen man op de drempel van zijn pensioen. Alberto, de andere Ranger, is voor de helft Comanche en heeft ook Mexicaans bloed. De twee trekken hele dagen dagen met elkaar op. Alberto gaat het stokje van Marcus overnemen, na diens pensioen.

Marcus is Alberto aldoor aan het pesten. ‘Moet jij nu geen salie verbranden?’ Alberto ondergaat het gelaten, soms met een zucht, soms met een zo goed mogelijk verborgen glimlach. Op een gegeven moment, na de zoveelste indianengrap, zegt Alberto: ‘Je weet dat ik ook Mexicaans bloed heb hè?’ Waarop Marcus antwoordt: ‘Ja, dat weet ik, maar daar ga ik pas grappen over maken als de indianengrappen op zijn, en dat zijn ze nog lang niet.’ 

Ik vertelde hierover aan een vriendin van me – zij is 1/4 Surinaams – waarop ze zei: ‘Intentie is alles.’ Dat vond ik mooi, en ik denk dat het inderdaad zo is, al kan ook gedrag dat voortkomt uit onwetendheid soms kwetsend zijn. Drie categorieën? 1. Je bedoelt het rot. 2. Je bedoelt het goed. 3. Je beseft niet dat je kwetst, wellicht omdat je je niet goed genoeg in de ander hebt verplaatst.

Marcus beseft wel degelijk dat hij politiek incorrecte grappen maakt. Dat hij ze alsnog maakt, expres, is in dit geval een indicatie van de vriendschap tussen deze twee mannen.

Ik zat in het donker van de bioscoopzaal en dacht: Ja!


Afgelopen zaterdag in Volkskrant Magazine zat ik in de trein met Fidan Ekiz. Dat lees je HIER. Je abonneren op mijn stukjes kan HIER