Laatst stuurde ik een meisje (vrouw) een liefdesbrief. Goed, het was een email. En ook niet echt een liefdesverklaring. Maar wel stond er in dat ik, nou ja, haar leuk vond en zo, ook al kende ik haar eigenlijk niet. Je moet weten: ze zit niet op Facebook, niet op Twitter, niet op Insta, etc. Dat frustreerde me mateloos, en maakte haar alleen maar begeerlijker.

Ik vertelde dit tegen een vriend op het terras van het café waar ze werkte. Vervolgens gaat hij plassen en komt hij naar buiten met, natuurlijk, haar emailadres. Ik was al een beetje dronken, maar niet dronken genoeg om me niet meteen een schooljongetje te voelen. Mijn korte gesprekjes met haar waren stuntelig verlopen; ik had me geen raad geweten, laat staan dat ik haar om zoiets gevraagd zou hebben. Na twee jaar als, laten we zeggen, ‘actieve single’, ben ik dergelijke schroom niet meer gewend. Praten met haar voelde alsof ik wegzakte in lava.

Diezelfde nacht stuurde ik haar de mail en de volgende dag had ik er al spijt van. Uiteraard hoopte ik niettemin op antwoord. Dat kwam niet. Sindsdien mijd ik dat café, omdat ik me geneer, en omdat ik me geneer dat ik me geneer.

Op de basisschool was er een meisje, Rosemarie, op wie ik en een vriendje verliefd waren. Op een middag bij hem thuis, met de hulp van zijn moeder, gingen we allebei een liefdesbrief voor haar maken. We plakten er rode hartjes op en bespoten het met de parfum van zijn moeder. Tijdens het knutselen was ik nog erg zeker van mezelf, maar toen we – nog steeds met zijn moeder – voor haar deur stonden, kreeg ik het benauwd. Mijn vriendje duwde zijn brief door de bus naar binnen. Ik aarzelde, kreeg buikpijn en verscheurde mijn brief. Mijn vriendje, geshockeerd en verraden, keek ernaar met open mond. De volgende dag was zijn schaamte haast tastbaar, en zo ook het spanningsveld tussen hem en Rosemarie, die ervoor zorgde dat ze, omringd door een cordon sanitaire van vriendinnen, te allen tijde minstens vijftig meter bij hem uit de buurt bleef.

Blijkbaar zit er af en toe nog eentje tussen: een vrouw die me doet stamelen en klunzen als een schooljongetje. Gelukkig maar.


Ik verstuur mijn stukjes ook per mail. Klik hier. Tevens wil ik je graag wijzen op het gratis literatuurspektakel, met o.a. Herman Koch, dat ik presenteer aanstaande zondag in Eindhoven. Klik hier. Mijn roman heet Bidden en vallen