Zondag presenteerde ik een literatuurmiddag hier in Eindhoven, met o.a. Thomas Heerma van Voss, Alma Mathijsen en Marieke Rijneveld. Er was ook muziek en zo.

Ik had mijn jongens, dus die moesten met me mee. We waren er al vroeg. Ik kwam binnen met het idee dat ze me tot last zouden zijn, dat het onhandig zou zijn. Maar dat viel mee. Ze vonden het spannend, gingen op onderzoek uit, luisterden en keken naar de soundchecks, bestelden wat te drinken in het café, stelden zich netjes voor aan de schrijvers.

Het was fijn om daar ook een vader te zijn, en niet alleen een presentator, een rol waar ik me nooit zo op mijn gemak bij voel. Fijn om ze af en toe even vast te houden, of ze op hun donder te geven (wat amper nodig was) of simpelweg even met ze bezig te zijn. Dankzij hen kon ik me aan mijn rol onttrekken.

Tijdens de voorstelling waren ze muisstil. Slechts één keer, toen Alma het over een Willem had, riep mijn jongste: ‘Zo heet onze poes!’

Als er werd voorgedragen keek ik soms naar ze. Ook al begrepen ze het niet, ze zaten er betoverd bij. Ik was trots, en omdat ik trots was presteerde ik beter.

Tijdens het eten, naderhand, zat mijn oudste bij ons aan tafel. Bij tien volwassen mensen. Hij hoorde ons praten en lachen. Je weet wel, zoals volwassenen doen. En toen begon ook hij te vertellen. Eerst nog tegen zijn buurman, maar vervolgens – toen de rest van de tafel toevallig stilviel – ineens tegen iedereen. Ik zag aan hem dat hij zich ervan bewust was dat alle aandacht ineens op hem was gericht.

Hij werd niet verlegen. Hij viel niet stil. Zijn lichaamstaal veranderde. Hij lachte, streek nonchalant zijn haar uit zijn ogen. Het was een proefrit. Zijn eerste anekdote voor een hele tafel. En hij genoot ervan. Hij voelde het zelf ook, dat hij ineens in iemand anders was veranderd, dat hij dit kon, als een golfsurfer die voor het eerst rechtop op zijn plank staat en wankel maar vastberaden die golf helemaal uit surft. 

Toen zijn jongere broertje voorbij kwam rennen, achter een nieuw vriendinnetje aan, gaven we elkaar een blik. Zo van: Kijk die kleine nou toch.

Het is tijd om mijn vaderschap te herzien.


Deze stukjes in je mailbox? Klik hier. Deel ze gerust met de knoppen hieronder. Mijn roman heet Bidden en vallen.