In het halletje in de trein, een paar minuten voor het station. Vijf mensen, waaronder ik. Een meisje kijkt zijdelings naar een stelletje. De jongen van het stelletje staat achter zijn vriendin, zijn armen om haar middel. Hun kleren zijn wat te groot, zijn haar is ongekamd, zij heeft beugel en trekt steeds nerveus haar neus op. De vriendin zegt iets. Het is blijkbaar grappig, of raar, of onverwacht, want het meisje dat hen zijdelings in de gaten houdt schiet in de lach. De lach stuurt ze de andere kant op, zodat het stelletje het niet ziet. Ik bestudeer haar. Het meisje. Hip, jong, dure Nikes. Ze heeft een kleurrijk leren jack aan, een beetje kinderlijk, maar dan ironisch bedoeld, dus hip. Ze heeft iets. Ik probeer erachter te komen of ik haar leuk vind. Zou ze romans lezen? Kijkt ze romantische, gevatte series op Netflix? Ik stel me haar voor, tegenover me aan tafel in een restaurant, lachend tijdens een wandeling, de blik in haar ogen als ze mijn broek openritst, druk aan het werk voor een laptop, boos om iets wat ik heb gezegd. Er is nog iemand in het halletje. De vijfde persoon, een jongen. Steeds als ik eventjes mijn ogen afwend van het meisje zie ik dat hij naar me kijkt. Hij draagt nette kleren, is jong, ik denk intelligent en ambitieus. Hij kijkt naar m’n jas, m’n tattoos. Hij bestudeert hoe ik dat meisje bestudeer. Hij probeert te besluiten wat voor iemand ik ben. Het meisje bestudeert inmiddels opnieuw stiekem het stelletje met de te grote kleren. Ik bestudeer het meisje weer. De jongen mij. De man bestudeert het achterhoofd van zijn vriendin. Zijn vriendin bestudeert de noodrem. ‘Hoe vaak zal iemand daaraan trekken?’ vraagt ze. ‘Niet vaak,’ antwoordt haar vriend. De trein stopt, de deuren gaan open en we stappen naar buiten. Het meisje is onmiddellijk het stelletje vergeten. De jongen is onmiddellijk mij vergeten. Het stelletje is onmiddellijk de noodrem vergeten. Ik doe mijn best om me hen allemaal te herinneren. Tot na dit stukje. Dan laat ik ze gaan.


Als je wilt kun je je HIER abonneren op deze stukjes. Nu verkrijgbaar: Wij zeggen hier niet halfbroer.