Toen mijn dochter zaterdagmorgen langskwam en mij aantrof in een geagiteerde stemming, legde ik haar uit dat ik net het stuk had gelezen van Henk van Straten, de nieuwe columnist in het Magazine (7 september). Wat een proleet! Ik kon er niet over uit. Mijn dochter wierp er een snelle blik op en zag meteen dat het nep was, een parodie, die indringend liet zien hoezeer iemand kan ontsporen die niet opgewassen is tegen de uitdagingen van het leven. Dat was me volledig ontgaan. Maar al snel kon ik lachen om mijn eigen domheid, en vond ik het knap gedaan door deze ‘Henk van Straten’. Het werd nog een gezellige dag.

Een reactie in de Volkskrant. Mooi hè? Het allermooist vind ik ‘Henk van Straten’ tussen aanhalingstekens, in de voorlaatste zin. Alsof hij denkt dat ik eigenlijk anders heet, of misschien niet eens besta. (Als dat zo is wil ik het nú weten.)