Mijn pa en ik slenterden over straat, in het donker, rond een uur of twaalf, ik met een aangebroken fles single malt whisky in de hand. We liepen van haar huis naar mijn huis. Met haar bedoel ik mijn ex, en met haar huis bedoel ik wat ons huis was. We hadden Sinterklaas gevierd. Met z’n allen. Dus ook met de nieuwe liefde van mijn ex.

Het was goed gegaan. Gezellig, liefdevol, hoopvol. Ik appte mijn ex een afbeelding van Dora The Explorer en schreef eronder: ‘Het lukte!’ Want dat zingt Dora altijd wanneer aan het eind van de aflevering alles goed is gekomen.

Twee mannen op straat. Mijn pa dook de avondwinkel in; hij wilde nog een eitje bakken. Thuis dronk ik whisky, een afzakkertje. M’n pa at eieren en dronk melk. Hij had nog een kater van de dag ervoor, dus dronk minder whisky. Daar was ik blij mee; als wij samen drinken wil het nog wel eens uit de hand lopen, en ook al was Sinterklaasavond goed gegaan, ik voelde dat de tranen niet ver weg waren. Toen ik rapmuziek draaide zei mijn pa: ‘Ik kan bijna alles aanhoren, maar dit vind ik verschrikkelijk. Met dat nigga nigga steeds.’

Hij sliep op allebei de matrassen van mijn zoontjes, die nu bij hun moeder sliepen. Twee alleenstaande mannen, twee gescheiden vaders, in een klein appartementje. ‘Jij snurkt ook!’ zei hij de volgende ochtend triomfantelijk. ‘Alleen als ik op m’n rug lig,’ antwoordde ik sullig. Hij wreef over zijn pijnlijke onderrug en ik over de mijne. Ik wist even niet of ik nu steeds meer op hem ging lijken of hij steeds meer op mij.

Iedere dag hier een stukje. Deel ze als je ze leuk vindt. Geef mijn roman Bidden en vallen een kans als je meer van me wilt lezen.