Locatie: een Burger King op een station ergens in een stad in Nederland. Het is laat en ik ben aangeschoten en ik eet een Whopper. Ik eet nooit een Whopper. Ik eet nooit bij Burger King. Ik was ooit twee jaar lang vegetariër.

Als ik aangeschoten ben word ik altijd gelijke delen filosofisch en recalcitrant. Daarom zit ik nu een Whopper te eten. Het is een statement. Want om nou heel rigide er een punt van te maken om nooit bij de Burger King te eten (dierenleed, milieu) maar vervolgens wel auto te rijden, per vliegtuig te reizen, vaak in bad te gaan, geen vluchteling in huis te nemen, etc. Dat slaat nergens op. Soms moet je voelen, en bekrachtigen, hoe vloeibaar en relatief moraliteit is. Soms moet je het monster durven zijn dat je van binnen bent. Ellebogen op tafel, ketchup op je wangen, drankwalm, vlees tussen je tanden. Het monster dat je óók bent, naast die engel, en die heilige.

Zenmeester Shunryu Suzuki, een vegetariër, wist dit ook. Hij merkte eens op dat één van zijn pupillen – een jonge monnik – hem te zeer imiteerde en te weinig handelde vanuit eigen inzicht en authenticiteit. Toen ze eens samen onderweg waren en wat gingen eten bestelde de monnik iets vegetarisch, maar Suzuki bestelde een hamburger. De monnik was verbaasd maar durfde zijn meester er uiteraard niet op aan te spreken. Eenmaal aan tafel verwisselde Suzuki de twee borden. De hamburger was voor de jonge monnik. Het was een zen-les zonder woorden. Een koan.

Ik nam me voor – dronken is het altijd heerlijk om je dingen voor te nemen – om binnenkort mijn zoontjes mee te nemen naar de Burger King en ze daar een Whopper te laten eten. Een ware zen-les voor mijn kinderen, besloot ik. Dat voornemen voelde goed. Ik was trots op mezelf, zo tussen de blaadjes sla en proppen papier en de andere verloren zielen in het donker van de avond, riekend naar bier en fastfood, in m’n eentje, met die smerige hamburger voor me, terwijl een vadsige vrouw met vlechtjes het vuil op de vloer om mij heen wegveegde.


Je wéét dat je deze stukjes ook per mail kunt ontvangen. Klik hier. En je wéét dat je eigenlijk mijn roman zou moeten kopen: Bidden en vallen. Arigato!