Vanochtend rond 11:30 werd er aangebeld. Snel trok ik m’n broek aan; ik lag sit-ups te doen en dat is niet fijn in een spijkerbroek. Ik deed de sit-ups uit frustratie: even eerder had ik een poging gedaan tot het schrijven van een stukje, maar dat was niet gelukt.

Er stonden twee oudere dames voor de deur. Ze hadden een boekje bij zich. Ontwaakt! stond er op de voorkant. En: Een ramp! Tips die levens kunnen redden. Ik vermoedde dat ze in de naam van Jezus waren gekomen en had direct spijt dat ik mijn broek had aangetrokken. 

‘Goedemorgen,’ begonnen ze. (Of in ieder geval één van de twee.) Ze waren heel vrolijk, en heel vrolijk vroegen ze me of ik wel was voorbereid op een ramp. Het kon zomaar gebeuren, zeiden ze: een aardbeving, een orkaan, een oorlog. In het boekje stonden handige tips. Ik realiseerde me dat ik inderdaad totaal niet was voorbereid op een ramp.

‘Dank u,’ zei ik, en nam het boekje in ontvangst. Even leken ze het daarbij te laten, maar toen vroegen ze (of in ieder geval één van de twee) of ze een keertje terug mochten komen, zodat ze me konden vragen of ik er iets aan had gehad. Ik zei dat ik dat niet wilde. Blijkbaar zei ik dat op een komische manier, want ze moesten allebei lachen, heel lief, waardoor ik direct betreurde dat ik nee had gezegd. Ook was ik blij dat ik mijn broek had aangetrokken.

De rest van de sit-ups stelde ik uit, zodat ik het boekje kon lezen. Er stonden handige tips in: maak een vluchtplan, leg een noodvoorraad aan, ga (met of zonder broek) onder een stevig meubelstuk zitten. Een volgende pagina ging over oorlog. Het was getiteld: Waarom voerden de Israëlieten in de oudheid oorlogen? Nou, omdat de volkeren waartegen ze streden door en door slecht waren en zich bezondigden aan bestialiteit (ik dacht aan m’n hagedis Oscar), incest (ik dacht aan m’n kinderen) en kinderoffers (ik dacht aan zeeën van vrije tijd). Op de laatste pagina ging het over de vorm van zeeschelpen. Er wordt veel onderzoek naar gedaan, omdat schelpen, relatief gezien, grote druk aankunnen. Handig, dus, om bijvoorbeeld schelpvormige huizen te bouwen. Een prachtig en slim ontwerp. Vandaar de vraag waarmee het verhaal eindigde: Wat denkt u? Is de vorm van schelpen door evolutie ontstaan? Of is die ontworpen?

Juist toen ik me onze lieve Heer voorstelde boven een tekentafel, druk in de weer met geodriehoek en passer, begon de sirenes te loeien. 12:00 op de eerste maandag van de maand. Dat hadden die twee vrouwen heel mooi uitgekiend. Ik wilde hen achterna rennen, zonder broek, en naar hen roepen: ‘Het is begonnen! Geef me een schelp!’


Interesse in een abonnement (met extra’s) op deze stukjes? Klik hier. Ook voor een eenmalige bijdrage. Mijn laatste boek heet Wij zeggen hier niet halfbroer.