Tegenover me, in de de jacuzzi, pakte mijn vriendin met twee vingers een compacte, druipende haarklit uit het water, met de vraag of die van haar of van mij afkomstig was. Het antwoord, na enige deductie, was dat de klit noch haar, noch mij toebehoorde.

We hadden zin om in bad te gaan; de kou was in onze botten gaan zitten. Ze wist een adresje in de buurt, zei mijn vriendin, waar je een privé-jacuzzi kon huren, met ook nog een eigen sauna erbij. Vijfendertig euro voor een uur.

Een zonnestudio was het, in een woonwijk. Toen we onze fietsen voor de gevel parkeerden stond er een man met een petje op te roken naast de ingang. Hij begroette ons met ogen groot en bol achter dikke brillenglazen. Toen we binnenstapten kwam hij ons achterna en ging hij achter de balie staan. Zijn dikke schakelketting was van zilver en dus niet – zoals het hoort – van goud, waardoor ik hem al meteen niet vertrouwde. Maar ik vertrouwde die hele zaak niet; alles was gedrenkt in eenzaam, wit licht, en de hokjes met de zonnebanken waren klein en klinisch.

De druipende haarklit was slechts een bevestiging van iets dat we intuïtief al wel wisten. Al toen we de privéruimte binnenstapten – pseudo-Scandinavische houten wanden, een goedkoop boeddhabeeldje, een gammele deur die niet echt goed op slot ging, een niet geleegde prullenbak – begonnen onze vermoedens donker te kleuren. Een geplastificeerd A4’tje vertelde ons over de huisregels, waarvan de twee voornaamste waren: ‘geen seksueel contact’ en ‘geen drugs’, wat betekende dat deze ruimte vooral werd gehuurd om lekker in te neuken en snuiven.

Die kerel zelf deed dat trouwens ook, met zijn dikke brillenglazen, dat wist ik zeker. Die was het liefst bij ons komen zitten, als hij op dat moment niet al op een geheim beeldscherm naar ons aan het kijken was.

‘Er ligt ook zand op de bodem,’ merkte mijn vriendin op, wat ik al had gemerkt maar niet had willen zeggen, omdat ik wist dat ons plezier in deze kamer alleen kon blijven bestaan bij de gratie van onze zelfdeceptie. 

We praatten over onszelf en over elkaar in het borrelende, vieswarme water, en het was goed. Iemand huilde. Misschien zij, misschien ik, misschien wij allebei. Ik vanzelfsprekend zonder tranen. Daarom zeg ik het er altijd bij, dat ik huil, omdat ze het anders misschien niet weet. 

Het uur was bijna voorbij. Nog vijf minuten konden we in de sauna, en toen was het over. De douche werd niet warm, en mijn vriendin wilde haar haren wassen, wat betekende dat ik die kerel er weer bij moest halen. Hij kwam maar wat graag binnen natuurlijk, en toen we waren aangekleed wilde hij ons ook nog zijn nieuwe privéruimte laten zien, met vijfpersoons jacuzzi en witte tegels. Het was de minst gezellige ruimte die ik ooit had gezien. ‘Dat lichtsnoer kan alle kleuren aannemen,’ zei hij trots.

Het is een speciale categorie, die van de momenten die je nooit had willen missen, maar nooit nog eens wil meemaken.


Ik schreef ook boeken. Daar kun je eens naar zoeken. Een abonnement op deze stukjes neem je hier