Een tijdje geleden schreef ik over dat nieuwe boek van Yuval Harari, 21 lessen voor de 21e eeuw. Dat het me zo trof, zijn analyse van de technologische vooruitgang en, gelijk daaraan, de corrosie van oude pilaren als democratie en liberalisme, plus de dreiging van een ‘nutteloze klasse’: zij die door de automatisering geen werk meer hebben, dus zo’n beetje iedereen behalve de machtshebbers, de rijke elite en de zeer gespecialiseerden. Ik heb het boek niet uitgelezen; het maakte me te zwaarmoedig, te machteloos, ook al vermoedde ik dat de hoopvolle hoofdstukken nog komen moesten.

Hoe dan ook, ik legde hem weg en las een boek voor dummies over Hindoeïsme, en daarna, omdat ik de smaak van oosterse filosofie en spiritualiteit te pakken had, nam ik weer eens een boekje van Alan Watts ter hand. Dat lees ik nu: The Book On the Taboo Against Knowing Who You Are.

Watts stelt zelden teleur, maar zo helder en scherp als hij in dit boekje schrijft over bewustzijn, filosofie, fysica, ego, mystiek, het leven en de dood las ik hem niet eerder. Zo nuchter, oprecht, intelligent.

En visionair, bovendien. Dit is wat Watts schreef in 1966, zeker zeventien jaar voor de geboorte van het internet zoals we dat nu (ongeveer) kennen:

Increasing efficiency of communication and of controlling human behavior can, instead of liberating us into the air like birds, fix us to the ground like toadstools. All information will come in by super-realistic television and other electronic devices as yet in the planning stage or barely imagined. In one way this will enable the individual to extend himself anywhere without moving his body—even to distant regions of space. But this will be a new kind of individual—an individual with a colossal external nervous system reaching out and out into infinity. And this electronic nervous system will be so interconnected that all individuals plugged in will tend to share the same thoughts, the same feelings, and the same experiences. The tendency will be for all individuals to coalesce into a single bio-electronic body. 

Enfin, meteen kwam het boek van Harari weer in mijn gedachten op. Er was blijkbaar geen ontsnappen aan. Gelukkig heb ik naast de wc ook nog een bundel van A.L. Snijders liggen. Die schrijft gewoon over zijn afgelegen boerderijtje, ganzen, vrienden met motors, verdwaalde vreemdelingen die op zijn erf belanden, wandelingen door de velden. Ook dat is de werkelijkheid.


Kom op, abonneer je op deze stukjes. Mijn meest recente boek heet Berichten uit het tussenhuisje.